Waarom het verliezen van een dier altijd te vroeg voelt
Waarom voelt het altijd als ‘te vroeg’ als je dier overlijdt, zelfs als ze een volwaardig leven hebben gehad? Verstandelijk weet je: ‘het is goed zo’, ‘ze is heel oud geworden en daar ben ik dankbaar voor’, ‘hij heeft een goed leven gehad, daar hebben we alles voor gedaan’, ‘ik heb er vrede mee’ (of…‘zou er vrede mee moeten hebben’). Je weet dat het gemis een gat slaat en dat voelt ook zo: je bent in rouw. Jullie waren ook zo lang samen. Maar waarom dan toch zo’n niet te plaatsen gevoel van niet kloppen, waarom kun je niet gewoon dankbaar zijn voor dit volwaardig leven? Misschien is je dier zelfs een natuurlijke dood gestorven, maar toch…het knaagt.
We weten dat er een aantal aspecten zijn die dierverlies lastig maken. De gehechtheid aan onze dieren is hier een heel belangrijke factor in. Voor veel mensen is het huisdier een volwaardig gezinslid en ook de zorgrelatie draagt aan die gehechtheid bij. En dan, op het einde, moeten we vaak die vreselijk moeilijke euthanasie-beslissing nemen. Alles valt weg, en je omgeving begrijpt niet helemaal waar je doorheen gaat. Het niet-erkende aspect van rouw om dieren maakt alles onnodig(!) nog eens extra zwaar. Maar er is iets dat ik in de literatuur mis: het antwoord op de vraag waarom het altijd te vroeg voelt.
Op deze vraag ga ik proberen een antwoord te vinden. Deze filosofie is niet toepasbaar op dieren die jong overlijden, dat is iets wat sowieso moeilijk te verwerken is. Vaak is dat ook onverwacht en plotseling. Het mag duidelijk zijn dat dat gevoelsmatig niet klopt en heel verdrietig is. Het gaat in deze blog over dieren die van ouderdom sterven op een respectabele leeftijd. Zo kunnen we het bij mensen gevoelsmatig beter plaatsen als iemand op hoge leeftijd overlijdt dan wanneer we een kind verliezen, iets wat moeilijk te accepteren is. Let op: ik maak hier op geen enkele wijze een hiërarchie in leed of vergelijk tussen hoeveelheid pijn of verdriet. Maar bij dierenverlies kan het, mede door de afhankelijke relatie en het zorgen-voor, voelen als het verlies van een kind. Het voelt in elk geval nooit als het verlies van een ouder. Maar er is nog een reden.
Met uitzondering van schildpadden en papegaaien leven onze dieren veel korter dan wij. Dit betekent dat wat voor je dier een vol en afgerond leven is, voor ons voelt als slechts een levensfase. ‘Toen de kinderen nog klein waren’ of ‘de tijd ik daar nog werkte of woonde…’ Toen mijn oude blinde kater Tinus op 19-jarige leeftijd overleed dacht ik: ‘hij kent mij nog van hoe ik was op mijn 25e en in Bussum woonde’. Dus je begraaft als het ware ook een levensfase van jezelf mee.
Maar in geen van die periodes werd je net zo snel ouder als je dier. Of kon je je dier altijd meenemen naar de volgende levensfase. De puppy- of kittentijd vloog om en voor je het wist waren daar die eerste grijze haren in de snoet. Heeft je dierenarts het ineens over je senior, terwijl jij denkt: ‘we zijn nog maar net begonnen’.
Ik heb, toen zich lichamelijke problemen bij mij aandienden, een tijd heel erg geworsteld met schuldgevoel. Want tja, als één hondenjaar staat voor zeven mensenjaren, dan is één dag geen grote wandeling gelijk aan een week lang je hond tekort doen. En dan gaan je gedachten met je aan de haal…want meer dan 1 dag en het is het equivalent van een maand en voor je het weet heb je je dieren een rotleven bezorgd. In die tijd begon ik na te denken over deze verschillende tijdspaden.
Want wij bekijken die waarde in tijd vanuit ons perspectief. We leggen het leven van ons dier langs onze lat van tijdsbeleving. Dit doen we niet bewust hoor, maar gevoelsmatig. Maar hoe zou het voelen vanuit je dier? Een week is nog steeds een week en een jaar een jaar. De tijd gaat niet sneller of langzamer lopen omdat hij korter leeft. Dus een dag overslaan is nog steeds een dag overslaan, geen week. Alleen als je een eendagsvlieg bent moet je goed opletten! Maar dan nog: die vlieg doorloopt een heel leven in 1 dag, van begin tot het eind. Onze dieren doorlopen het in hun eigen tijdspad, of je nu een hond, kat of paard bent. En wij hebben het onze.
Wat kunnen we doen? Het klinkt misschien tegenstrijdig, maar we zouden onszelf kunnen vertragen. Of we er nu alles uit willen halen vanwege de ‘1 dag= een week-stress’ of dat we voelen dat alles te snel voorbij gaat. Dit is de manier voor beide situaties. Als we vertragen kunnen we beter aansluiten bij het tijdspad van ons dier. De fases nog bewuster te beleven en jezelf er steeds aan te herinneren. Niet om gehaast te worden, maar juist om intenser te beleven. Dat complete, afgeronde en geleefde leven met alle fases die erbij horen. En dan zonder schuldgevoel of andere ingewikkelde emoties.
Zelfs mijn hond Tante Pleun, die met 3 soorten kanker en heel veel ‘generale repetities’ 17 jaar werd, ging veel te vroeg. Het is niet gek dat het ook bij jou te vroeg voelt. Het klopt vanuit jouw werkelijkheid, óók als je dier een lang en volwaardig leven heeft gehad. Beide perspectieven zijn waar: compleet voor hen, onaf voor ons. Misschien geeft dit woorden aan wat je niet goed kon benoemen. Je rouw mag er zijn, ook al zegt iedereen dat hij zo’n mooie leeftijd heeft bereikt. Want je hebt gelijk: het ging veel te snel.
©Wendi van Voorst (18-01-2025)
Dit bericht mag gedeeld worden, maar alleen in het geheel en met vermelding van mijn naam als auteur en bij voorkeur via een link naar mijn website.